Genieten met Visite

Na de bezoekjes aan een aantal plaatsen in de West-Kaap in de voorjaarsvakantie, begon het dagelijkse leven hier weer: school en werk. En eindelijk zon, want de winter hier was volgens de locals nog nooit zo koud en regenachtig geweest als dit jaar. Met als dieptepunt een flinke storm eind september die leidde tot het wegspoelen van een aantal huizen en restaurants aan de kust en een paar doden in een sloppenwijk hier een half uurtje rijden vandaan. 

De zon ging voor ons nog meer schijnen nadat we gehoord hadden dat de aanvraag voor onze visumverlenging was goedgekeurd. De toeristenvisum is 3 maanden geldig, dus diende deze verlengd te worden. Om deze aanvraag goed te regelen, hadden we Peter ingeschakeld, een Zuid-Afrikaan die deze zaken voor zijn rekening neemt. Met de kids moesten we ons melden bij een beveiligd kantoor voor visumaanvragen in het drukke centrum van Kaapstad. Na het invullen en ondertekenen van een dik pak formulieren, het maken van foto's van onze gezichten en het tellen van gaatjes in stoelen als tijdverdrijf met de jongens stonden we na ongeveer 2 uur weer buiten. Een aantal weken later kregen we de uitslag van de aanvraag en werden we met de hele bubs daarvoor wederom verwacht op dezelfde plek. Dachten we. Want toen alles en iedereen uit de auto geladen was na het vinden van een parkeerplekje, keek Peter ons verbaasd aan en vroeg zich af waarom iedereen erbij was. Hij had blijkbaar alleen onze paspoorten nodig en Bram kon deze na afloop bij Peter ophalen. Oke, documenten afgeven dus en iedereen weer in de auto. Konden de jongens nog gewoon naar school. Later die dag kwam het verlossende bericht dat de aanvraag was goedgekeurd en we dus langer in Zuid-Afrika mogen blijven. Als dat niet het geval was, hadden we toch wel een probleem aangezien we dan eind oktober het land hadden moeten verlaten terwijl de ouders van Bram een week later op bezoek zouden komen.

Dat gebeurde op woensdag 24 oktober. In de avond kwam de vertraagde vlucht vanuit Nederland aan en werden Noud en Angelique op het Kaapse vliegveld door Bram opgehaald. De kinderen lagen al in bed, maar we hadden ze beloofd dat opa en oma ze wakker zouden maken om ze een dikke knuffel te geven. 

Na aankomst in ons huis was het snel weer vertrouwd om bij elkaar te zijn en Noud en Angelique voelden zich gelukkig erg thuis. De jongens bleven de eerste dag thuis van school, zodat ze al een lange dag met opa en oma konden hebben. Om in het dagelijkse ritme te blijven gingen Boet en Fos de overige dagen gewoon naar school.

De ouders van Bram bleven een week bij ons, waarna ze richting Johannesburg vlogen om daar nog een ruime week in de buurt van het Krugerpark te verblijven. De dagen bij ons in huis werden gevuld met aardbeien plukken in Stellenbosch, lekker eten en drinken op een wijnestate met een speeltuin erbij (met Luuk en Nora en de kindjes die een aantal weken op vakantie waren in Zuid-Afrika) en een bezoekje aan het moderne centrum V&A Waterfront. Bram en Noud huurden een dag een Cobra, een kleine sportcabriolet en ik ging met Angelique en Lex keramiek schilderen bij Clay Café om de hoek. In Zuid-Afrika mogen safari's natuurlijk niet ontbreken, dus hadden we een overnachting geboekt bij Botlierskop, een game reserve bij het plaatsje Mosselbaai op ongeveer 5 uur rijden van Houtbay. Tijdens het verblijf daar mochten we 2 keer met de jeep en ranger Brisano ("Noem me maar gewoon B.") mee, in de middag en de volgende ochtend voor het ontbijt. We zagen onder andere olifanten, cheeta's, giraffen, verschillende antilopen, leeuwen en een nijlpaard, maar het hoogtepunt tijdens een van de gamedrives was toch wel een 3 maanden oude neushoorn. Het zien van het rennende grijze hompje resulteerde bij ons in een heleboel 'oooooh's' en 'aaaah's'.

Na een fijn weekje met veel genietmomentjes vlogen de ouders van Bram op woensdag 1 november in de ochtend naar Johannesburg voor het vervolg van hun reis. We hadden die dag om even alles weer even op orde te krijgen (en onszelf, haha), want in de avond werd het volgende bezoek opgehaald van het vliegveld in Kaapstad. Omdat ik graag zelf ons pap, mam en Monique daar op wilde halen en het niet erg verstandig is om daar in het donker als vrouw zijnde alleen heen te rijden, had ik de 74-jarige taxichauffeur Terry ingeschakeld om mee te rijden. Een hele aardige man en ook een beetje sociaal onhandig, want hij begon hij hele verhalen tegen me te vertellen meteen nadat ik mijn ouders en zus had geknuffeld bij het weerzien en ik dus eigenlijk gewoon met hen wilde praten. Daarnaast gaf hij op de terugweg, goed bedoeld, een uitgebreide sightseeing door de wijken van Kaapstad, terwijl ons pap, mam en 'Smniek' gewoon naar huis wilden na de 11 uur durende vlucht.

Maar goed, eindelijk na aankomst in ons huis aan de Valley Road werden Boet en Fos weer wakker gemaakt voor een knuffel. De volgende dag mochten zij wederom thuisblijven van school en gingen we lunchen bij een wijnestate in de buurt. Ook de rest van de week werd weer gevuld met het ondernemen van leuke dingen, zoals een bezoek aan het historische centrum van Kaapstad, de foodmarket Oranjezicht bij Waterfront en een strandje in Bakoven.

Op ongeveer 1 kilometer afstand van ons huis is de sloppenwijk Imizano Yethu, waar helaas steeds meer criminaliteit voorkomt. Met een gids afkomstig uit de township kan deze veilig bezocht worden en dus besloten we dit te doen. Tijdens de rondleiding door de wijk wilden we iets kopen om uit te delen aan de kinderen, dus vroegen we gids Kenny of dat gebruikelijk was. Misschien wat banaantjes? Appels? Ander fruit? Maar Kenny hield ons al een zak lolly's voor, dus gingen we maar overstag. Au, kortsluiting in mijn anti-snoep-hoofd. 

Wanneer wij terug naar Nederland gaan wordt er een complete koffer gevuld met geschilderde keramiek, want ook met ons pap en mam gingen Lex en ik naar Clay Café terwijl Boet en Fos naar school waren. Daarnaast werd gamereserve Botlierskop weer bezocht inclusief een overnachting en 2 safari's. De jongens waren enthousiast toen ze hoorden dat Burger (ja, zo heet hij echt en ja, de grapjes over ham en cheese had hij al eerder gehoord) de jeep ging besturen. Toen we vorig jaar bij Botlierskop verbleven had deze jonge ranger namelijk punten gescoord bij Boet en Fos door lekker ruig met de jeep een steile helling op te  scheuren. Zelfs Lex vond het allemaal wel prima, ondanks dat ze door elkaar werd geschud in haar Maxicosi. Burger zelf leek dit keer minder enthousiast nadat hij wist dat hij onze ranger weer zou zijn. Zou dat misschien te maken hebben met onze jongens die steeds als groupies om hem heen hingen?

Helaas zagen we de cheeta's en olifanten deze keer iets minder goed dan de week ervoor, maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door het zien van het kleine huppelende neushoorntje. Ohja, en een liefdevol leeuwenkoppeltje die voor onze ogen op 5 meter afstand de liefde bedreef. Twee keer. En na 10 seconden klaar waren. En daarna plofte het mannetje uitgeput neer. Snap ik ook wel, als je dit ongeveer 20 keer op een dag doet. Ik denk ook niet dat het vrouwtje er nog veel plezier aan beleefde, aangezien haar gezicht voor, tijdens en na de enorme vrijpartij in dezelfde mimiek verkeerde.

Na een week bij ons te zijn geweest, keerden ons pap, mam en Monique afgelopen woensdag met een heleboel herinneringen weer naar huis. Na twee fijne en ook intensieve weken voor alle partijen (de jongens verkeerden deze 14 dagen in alle staten van emoties en wij dus ook), was het ook goed om het dagelijkse ritme hier weer op te pakken. Back to school en work. En over 3 weken helaas alweer back to Hilvarenbeek.

 

Lees meer »

Back to school

Vandaag zijn de jongens weer back to school. Hoezo weer TERUG naar school zul je denken: ze zijn toch pas net gestart?
Klopt. Na de reis naar Namibië hebben we nog een rustig weekje thuis gehad, waarna Boet en Fos op 4 september het grote schoolavontuur zijn aangegaan. Maar aangezien de zomervakantie hier in december is en de jongens dus halverwege het schooljaar waren gestart, hadden ze na ruim 2 weken alweer een weekje vrij: de voorjaarsvakantie. Klinkt best gek, in september.

In de week dat we nog thuis waren, waren de kinderen in Hilvarenbeek al begonnen op school. Met juf Anke van groep 4 hadden we afgesproken om even met de klas te videobellen, zodat Boet toch een beetje de verbinding blijft houden met zijn klasgenootjes in Nederland. "Heb je al wilde dieren gezien...?", "Hebben jullie een zwembad bij het huis...?", "Praten ze Nederlands op jouw school...?" "Kijk, wij leren dit nu..." Erg leuk om even contact te hebben gehad en dat juf Anke dat ook mogelijk maakte.

Eind juli waren we al een keer gaan kijken bij The Bay Academy, een Montessorischool op ongeveer 1,5 kilometer van ons huis. Een fantastische en kleinschalige plek met paarden en kippen en waar de kinderen gewoon kind mogen zijn (lees: een Walhalla voor Fos omdat hij daar de hele dag op blote voeten mag lopen). We maakten kennis met de Engelstalige juffen en mochten de klaslokalen van de jongens bezichtigen. We hadden er meteen een heel goed gevoel bij en wisten dat onze mannen het hier, na een logische wenperiode, geweldig zouden vinden. Many thanks to Arjan en Bregje, de fijne beheerders van ons huis als wij niet in Zuid-Afrika zijn, die ervoor hadden gezorgd dat Boet en Fos ingeschreven konden worden op deze basisschool in Houtbay.

Op 4 september was het dan zover: rond 7.45 uur stapten 4 zenuwachtige personen plus Lex de auto in om naar school te rijden. Na wat informatie te hebben gekregen van school hadden we voor Boet en Fos allebei hun rugzak gevuld met wat fruit, water en extra kleding. Een lunchtrommel was niet nodig, aangezien op de Academy tussen de middag een gezonde (hoera!) warme (hoera!) maaltijd werd geserveerd voor de kinderen. 
Arjan en Bregje hadden ons al van de nodige informatie voorzien, waardoor we wisten dat ondanks dat de school om 8.30 uur zou starten, de kinderen al vóór 8 uur aanwezig mochten zijn om nog even te spelen. Bij aankomst werden we verwelkomd door de 9-jarige Kate en 8-jarige Julius, de kinderen van Arjan en Bregje. Kate liet ons groep 5 zien, waar Boet zijn eerste klasgenootjes en juf Kate zag. We liepen naar Fos zijn klas, de pre-primary school, aan de overkant van de schoolplein en troffen juffen Sam en Chelsea. 
Voorafgaand aan deze eerste schooldag hadden we met de jongens afgesproken dat als er iets zou zijn, de juffen ons altijd konden bellen. Ze wisten dat iedereen Engels zou praten en dat spannende dingen ook erg leuk kunnen zijn. Met dat idee voelden Boet en Fos een grote nieuwsgierige spanning voor wat er zou gaan komen en dus was het afscheid een beetje dubbel: we wisten allemaal dat het wellicht leuk zou zijn en anderzijds was er een grote onzekerheid over wat er zou gaan komen. Dat laatste had bij Fos een beetje de overhand en hij vond het dan ook lastig om afscheid van ons te nemen. Klasgenootje Julius ontfermde zich over Boet en na duizend kusjes en evenveel knuffels, high fives en boksen was het tijd om te gaan. In de auto terug naar huis was ik natuurlijk weer een jankend sentimenteel ei, want ik vond het vervelend om ze zo onwetend en bij mensen die ze niet verstaan achter te laten.

Na een uurtje heb ik even naar school gebeld om te vragen hoe het ging en gelukkig antwoordde de medewerker van de school dat het goed met ze ging, ondanks dat ze natuurlijk moesten wennen. Bram en ik hadden beiden tijdens de schooluren een off-day; een groot aantal emoties kwam bij elkaar gedurende de dag. Om 14.30 uur was de school uit en konden we ze eindelijk ophalen. We voelden opluchting toen we twee blonde, lachende en enthousiaste mannetjes naar ons toe zagen rennen. Fijn, de eerste uitdagende stap was gezet en de drempel om naar school te gaan zou hiermee elke dag lager worden. 

Met het naar schoolgaan van de jongens werd meteen het normale dagelijkse leven opgepakt. We hadden afgesproken dat ik op maandag en dinsdag voor de kinderen zou zorgen, Bram op donderdag en vrijdag en de woensdag zouden we om en om doen. Diegene met de kinderen mag de auto hebben, de ander pakt een Uber indien nodig. In Namibië had ik voor het eerst even in onze Toyota Fortuner gereden en aangezien ik niet zo'n held ben in autorijden in het buitenland was dit een out of your comfortzone-uitdaging. Zoals sommigen weten is dit mijn levensmotto geworden en dus past het links rijden hier helemaal in dat plaatje.  

De eerste autorit was naar de Spar, hier 3 kilometer verderop. De jongens waren naar school, dus ik kon rustig met Lex boodschappen gaan doen. Ik zette haar vast in de kinderstoel op de achterbank, stapte zelf in, deed mijn gordel om en dacht.. waar the f*ck is mijn stuur?! Bleek ik dus gewoon aan de verkeerde kant de auto te zijn ingestapt en natuurlijk heb ik mezelf heel hard uitgelachen. Nadat ik boodschappen had gedaan (wat nog even een gepuzzel was voor mijn bewerkte voeding-allergie) zette ik Lex weer vast in de kinderstoel op de achterbank, stapte zelf in, deed mijn gordel om en dacht.. waar the f*ck is mijn stuur?!
Joe, 2 keer dus he. Op 1 dag. En dan zeg ik nog maar niets over een kleine rotonde die ik verkeerd om heb genomen. Een onhandige leerling die voor de eerste keer rijles heeft is er niets bij.

Maar goed, inmiddels ben ik ingeburgerd in het verkeer in Zuid-Afrika en pik ik alle toeristen op de weg er zo uit (haha, grapkous).
Ubers vind ik trouwens ook fantastisch. Ik heb de meest leuke gesprekken met de chauffeurs die vaak uit Zimbabwe of Malawi komen en hier in de townships wonen. Aangezien ik de sloppenwijken erg fascinerend vind, vraag ik die chauffeurs de hemd van het lijf over onder andere de veiligheid, de werkmogelijkheden en de load shedding daar. Lekker op de 'make that the cat wise'-manier, Nederlands-Engels op zijn best.

Op de momenten dat ik een Uber neem, ben ik onderweg naar de sportschool (met een fantastisch uitzicht over de zee en bergen) of een fijne werkplek rondom Houtbay. De wijk Constantia, op zo'n 20 minuten rijden van ons huis, is mijn favoriet. Ik klap mijn laptop open, werk voedingsplannen en EMB-testen uit en bestel een heerlijke lunch met mijn lievelingsdrankje: een Red Cappuccino,  rooibosthee met (plantaardige) melk. 
Vorige week ben ik begonnen met een nieuwe opleiding tot Orthomoleculair Epigenetisch Therapeut, een mooie aanvulling op mijn vak als voedingscoach waarbij het zelfgenezend vermogen van de mens om ziektebeelden te voorkomen of te herstellen centraal staat. Na het behalen van mijn diploma in juni 2024 kan ik cliënten met diverse klachten dan niet alleen op orthomoleculair gebied begeleiden zoals ik nu reeds doe, maar ook op epigenetisch niveau (de omgeving van de genen, ons erfelijk materiaal).
Iedere maand heb ik twee lesdagen achter elkaar en middels terugkijklinks kan ik de opleiding volgen. Vanaf januari zal ik fysiek bij de lessen aanwezig zijn. En natuurlijk ga ik dan ook meteen even reclame voor mezelf maken, want ook in Zuid-Afrika kan ik online consulten doen (check www.vers-foodcoaching.nl voor het aanbod, de website wordt binnenkort aangepakt omdat mijn specialisaties nu breder liggen).

Ik dwaal af, back to school. Ondanks dat het elke dag spannend was om te gaan, hadden de jongens het in de eerste twee weken voor de voorjaarsvakantie erg naar hun zin in de klas. De juf van Fos vertelde lachend dat hij hele gesprekken in het Nederlands voerde met een jongen die alleen maar Frans praatte en dat ze samen de grootste lol hadden. Ook werd hij uitgenodigd voor een kinderfeestje, de 6e verjaardag van Stacey. 

Ik: "Hee Fos, je bent uitgenodigd voor het kinderfeestje van Stacey. Vind je dat leuk?"
Fos, met stralende ogen: "Ja!"
Ik: "Speel je wel eens met Stacey?"
Fos: "nee, nooit."
Ik, nadenkend over wie het meisje zou kunnen zijn: "Oké, hoe ziet Stacey eruit?"
Fos: "geen idee, ik weet niet wie het is."

Op en top Fos dit.

Na een vragenvuur richting Bregje over hoe kinderfeestjes hier in Houtbay gevierd werden, gingen we met een belachelijk duur cadeau (Fos had natuurlijk iets met paarden uitgezocht) richting een indoor speeltuin, waar Stacey haar verjaardag vierde. Er zouden ongeveer 15 kinderen komen op de 2 uur durende party en Fos was uitgenodigd omdat hij volgens Stacey 'altijd zo lief deed'.
Aaahhh, wat sweet. Bijna net zo sweet als de chemisch gekleurde taart op tafel. Of de neonkleurige muffins. Of de smurfenblauwe slushpuppies. Een gevalletje 'let it goooo, let it gooooo' voor mijn 'vers en onbewerkt-'hoofd. De letterlijke let it go op de wc de dag erna was trouwens net zo blauwgroen als de muffins.

Toen we arriveerden bij het feestje wist Fos nog steeds niet wie de jarige geluksvogel was en dus trok ik een ander kind aan haar mouwtje om Stacey aan te wijzen. Als ouder zijnde was het de bedoeling dat je erbij zou blijven en in het geval van Fos was dat ook meer dan prima omdat hij het best spannend vond. Na een paar minuten was hij geacclimatiseerd en waagde hij een sprong op de trampolines en de foamblokken. Helaas was het spelen van korte duur, aangezien hij vol met zijn neus en mond tegen een ander kind aan sprong en dit meteen ging bloeden als een rund. Zijn bovenlip begon zodanig op te zwellen dat het leek alsof ze waren uitgeschoten met de botox. Naast een icepack werd meteen ook een slushpuppie aangeboden om zijn spenenbekkie te koelen. Dat werkte volgens Fos wel.

Een week later kreeg ook Boet een uitnodiging voor een kinderfeestje. De 8e verjaardag van Cole werd thuis gevierd en Boet was gevraagd zijn zwemspullen mee te nemen. Maar hij werd niet thuis gebracht.

Erg fijn dat de jongens hun draai een beetje gevonden hebben op school. Ik ben benieuwd hoe ze het weer gaan ervaren na een weekje vrij te zijn geweest. Boet vond het in die eerste weken zelfs leuker dan op school in Nederland. En ik moet eerlijk zeggen dat ik het ook naar mijn zin heb hier, ondanks dat ik nog niet echt een sociale kring heb opgebouwd en we behoorlijk wat uitdagingen met de kids ervaren. Een van de redenen om 4 maanden naar Zuid-Afrika te vertrekken was om de rust te vinden om mezelf tegen te komen, op persoonlijk vlak te groeien en ontwikkelen en dichter tot elkaar te komen. Deze rust hebben we allebei door allerlei omstandigheden nog niet echt gevonden. We zijn nu 2 maanden weg, dus we zijn (helaas!) al op de helft van ons avontuur. Tijd dus om wederom uit die bekende comfortzone te stappen, actief uitdagingen aan te gaan en weer verliefd te worden op elkaar en op onze fantastische kids.

En ohja, dit sentimentele ei jankt wat af hier. Twee weken geleden was ik gaan videobellen met zuslief, pap en mam en eerstgenoemde stelde me de vraag hoe ik het zou vinden als ze een weekje langs zou komen. Superdomme vraag natuurlijk. Toen ik voor de grap vroeg of ze dan ook de 2 oudjes mee zou nemen, antwoordde ze bevestigend. Huilen geblazen dus, omdat ik de hoop al had opgegeven dat ze niet zouden komen omdat ze het te spannend vonden. Toen 'Smniek' een tijd geleden tegen ons pap en mam had gezegd dat ze ging, had de dappere papa gezegd: "Mars, ik hou heel veel van jou, maar ik ga met Monique mee."
En dus kon de dappere mama niet anders dan ook maar een ticket te boeken. Supertrots ben ik op deze 2 lieve mensen. En erg blij.

Lees meer »

Namibië, deel 3

Sommige accommodaties die voor of tijdens de reis online de revue passeerden om te kunnen overnachten werden meteen weggeklikt, net alsof je op Tinder steeds naar links aan het swipen bent. Of is het naar rechts? Geen idee, maar anyhow, bij een aantal verblijven hadden we geen goed gevoel omdat het hunterfarms waren. Jagen om het ecosysteem te verbeteren of een populatie in balans te houden is met een doel, maar de trophyhunters is voor ons een no-go. En dan ook nog met je blije bakkes bij je trofee op de foto. Nee, niet onze cup of tea. Maar ik zou Manon niet zijn als er niet een keer iets ondoordachts zou gebeuren.
Dus we kwamen aan bij Onduri Safaris & Lodge, onze volgende accommodatie tussen de plaatsen Okaukeujo en Outjo, en maakten kennis met eigenaresse Anita die ons meteen een rondleiding gaf en liet zien waar we in de ochtend zouden ontbijten. Wat we toen zagen was niet voor de poes. Dat was letterlijk voor de opgezette cheeta. Een kudukop aan de muur. Luipaardhuiden over een bank, gedrapeerd alsof het kleedjes waren waar je lekker onder kon zitten. Vossenstaarten aan de gordijnrails. Je raadt het al: dit was een huntersfarm. 

Anita, die de farm samen runde met haar man Chris en zoon Helmut, bleek dit interieur niet te hebben doorgetrokken naar de familyrooms, want gelukkig hoefden we niet onder een zebravelletje te slapen. En net alsof Lex weg wilde lopen van alle trofeeën, zette ze bij Onduri haar eerste stapjes los.
Anita gaf ons de tip om de dag erop met de auto de oostkant van de Etosha Pan nogmaals te verkennen, omdat er verder in de omgeving niet veel te doen was en we de dag ervoor weinig wild in het nationale park hadden gezien. Helaas zagen we ook nu weer nauwelijks dieren die we nog niet eerder hadden gespot. Wel kwamen we uit bij een stuk of 12 olifanten die met hun baby's (smelt...) door de grasvlakte paradeerden, precies op de manier zoals Kolonel Hathi en Hathi Jr. uit Jungle Book dat deden.

In de twee avonden die we bij Onduri waren, werd het 'wat de pot schaft-'eten door Anita en Helmut klaargemaakt. We spraken Chris en kwamen tot de ontdekking dat zij niet alleen jagen voor fun, maar ook voor het natuurbehoud. Smaakte de oryx van de barbecue toch net iets beter door.  

De volgende ochtend vertrokken we weer meer in zuidelijke richting, naar Ugab Game Farm & Lodge. Na 2 uurtjes rijden kwamen we aan bij de accommodatie vlakbij de Ugab Rivier in Damaraland, van oudsher het woongebied van de oudste bevolkingsgroep Damara. Het reservaat van Ugab Game Farm & Lodge is 9800 hectare groot en is het leefgebied van meer dan 850 dieren, zoals giraffen, nyala's, springbokken en gnoes. Doordat het gelegen is bij de rivier is het een perfecte locatie voor de verschillende soorten. Er zijn soms zelfs olifanten gespot in de omgeving en uniek op de farm van Ugab zijn de 3 witte neushoorns die er rondlopen. 

Ons nieuwe logeeradres, ook een van de favorieten van Bram, bleek nog geen jaar lang geopend te zijn en zag er prachtig uit. Eigenaar CP heette ons welkom, waarna hij het stokje overdroeg aan kok en manusje van alles Sean en gastvrouw Christina. We kregen wederom een familiekamer, deze keer met 2 verschillende slaapkamers (hoera, geen gesnurk!), een mooie ruime badkamer en een buitendouche. Omdat we vroeg waren gearriveerd konden Boet en Fos nog even in het frisse zwembadwater springen voordat we op middagsafari gingen. Rond 16 uur werd de jeep gereed gemaakt voor vertrek en nam ranger Christian ons mee naar een lodge in de buurt waar we een Italiaans-Zweeds gezin op gingen halen. Vader Angelo had met zijn mooie praatjes een leuke connectie met Lex, dus hierbij een mededeling vanuit Bram: over 15 jaar blijven alle Italianen uit de buurt van zijn dochter.

Er was een fijne vibe tijdens de gamedrive met Angelo, moeder Rebecca, de 16-jarige Emma en 14-jarige Eric, dus dat onze kinderen zingend uit de jeep hingen (bedankt Gullie...) of we weer eens moesten stoppen om de speen van Lex van de grond te rapen was voor niemand een probleem. We hadden een ontmoeting met Elsa, een grote eland die op jonge leeftijd haar moeder was verloren en dus door mensen was grootgebracht. Hierdoor was ze tam en konden we haar tijdens de gamedrive eten voeren naast de jeep. Christian vertelde over de flora en fauna in het gebied rondom de rivier en omdat deze nu droog lag konden we er met de terreinwagen doorheen rijden. Om giraffen van dichtbij te bekijken werden de ruigste paden genomen en was het een safari zoals deze hoort te zijn: lekker wild. Dit maakte het een van de leukste momenten van de hele vakantie, ondanks dat we weinig dieren zagen. De stop bij zonsondergang droeg hier zeker aan bij: Christian zette de jeep op een heuvel, pakte er een grote gasfles en een pan uit en begon, terwijl de zon langzaam onder ging en wij met een drankje erbij stonden, stukken vlees te bakken. "Een voorgerecht", werd er gezegd, want na terugkomst bij de lodge zouden we nog een hoofd- en nagerecht krijgen. Voor Fos en Lex was het eten tijdens de safari echter genoeg, want zij vielen in slaap in de jeep tijdens de terugrit in het maanlicht.  

Damaraland staat bekend om de diverse rotstekeningen, waarvan de meeste zijn gemaakt door de inheemse bevolkingsgroep San. Duizenden jaren geleden zijn de grotten en overhangende stenen door de nomadische jager-verzamelaars als schuilplaats gebruikt en is de rotskunst op talloze wanden aangebracht. Blijkbaar is het bijna niet mogelijk om vast te stellen hoe oud de tekeningen zijn omdat er vaak anorganisch materiaal was gebruikt. De schoonvader van CP, werkzaam als gids bij Ugab, nam ons de volgende dag na het ontbijt per jeep mee naar 2 verschillende types rotstekeningen die te vinden waren in hun private reserve. De schetsen van onder andere olifanten en giraffen zijn nog in goede conditie en konden we zelfs aanraken. Leuk om even te zien en het verhaal erachter te horen, alhoewel de jongens meer bezig waren met stenen verzamelen die bij terugkomst vakkundig door Fos onder de douche schoon werden gemaakt. Omdat de stenen perse mee op reis moesten werden ze verpakt in plastic tassen en in de auto gezet. Die nu trouwens hier in Zuid-Afrika onder de overkapping staan. Inclusief stenen en juist, waar de kids nooit meer naar omgekeken hebben. 

Wat verder naar het zuiden in Namibië was onze volgende overnachtingsplaats: Atlantic Garden Boutique Hotel aan de kust van Swakopmund. Deze historische havenplaats met een Duitse achtergrond is vernoemd naar de Swakop, een rivier die 'stromende uitwerpselen' betekent omdat het modderige water dat na een flinke regenval de oceaan bereikt veel afval met zich mee voert.
Omdat we een reisdag hadden van ongeveer 5 uur kwamen we redelijk laat in het hotel aan en besloten we in het stadje iets te eten en op tijd te gaan slapen. Dat laatste ging 'm amper worden, aangezien Fos getransformeerd was in schuurpapier en overal enorme jeuk had. We hoopten dat hij net als Boet weg zou komen met een aantal vlekjes, maar het tegendeel was waar: echt op ieder plekje van zijn lijfje zat zo'n letterlijk pokkebultje. Om te proberen Fos niet teveel te laten krabben, hadden we hem sokken aan zijn handen gedaan in de nacht, maar ook dat hielp niet. 

Als afleiding (en eigenlijk ook gewoon omdat we dat zo al hadden bedacht) gingen we naar Cape Cross Seal Reserve, op ongeveer anderhalf uur rijden van Swakopmund. Op de kaap broedden ongeveer 150.000 tot 200.000 pelsrobben, wat een enorme stank geeft. We hadden een weddenschap in de auto wie van de kinderen als eerste zou zeggen dat de geur niet te doen was op het moment dat de autodeur open zou gaan. En jawel hoor, na 1 seconde hoorden we Pokkie al "gatver" zeggen.
Onze zintuigen werden goed op de proef gesteld, want na ons reukorgaan was het gehoor aan de beurt. Wat een oorverdovend lawaai maken die duizenden stinkerds bij elkaar. Via een houten vlonderpad liepen we langs de zeehonden. Grote, kleine, dikke, dunne; alle variaties waren aanwezig. Wat het meeste indruk maakte op mij was een pelsrob langs het houten pad die net een aantal minuten geleden bevallen was en haar jong naast zich had liggen met de placenta nog vast. Helaas zat er weinig leven in het kleine diertje en zagen we hoe de moeder haar baby probeerde wakker te maken door het te verschuiven in het zand en het op te tillen met haar bek. Dit lukte niet en toen ze besefte dat het ook daadwerkelijk niet meer ging lukken legde ze haar kop op het zand en haar voorste flipper voorzichtig over haar kind. Een verdrietig en tegelijk mooi moment. En daar stond ik dan: jankend als een sentimenteel ei tussen de blaffende pelsrobben en hun strontlucht.  

Met deze stank in onze kleren (zelfs als we onze neus lekker even in de haren van de kinderen wilden woelen, moesten we al bijna overgeven) gingen we naar het verderop gelegen kustplaatsje Walvisbaai, waar we een heerlijke late lunch hadden met verse visgerechten. Helaas konden we daar niet lang blijven aangezien Fos enorme last van zijn waterpokken had en we dus snel weer richting het hotel gingen.

De dag erop leidde de weg ons in ongeveer 5 uur door het Namib Desert Park naar de volgende accommodatie in Sesriem. Het park is het oudste en meest noordelijke deel van het Namib Naukluft Nationaal Park en ligt tussen de rivieren Swakop en Kuiseb. Het is een beschermd gebied en wordt vaak aangeduid als 'de steenwoestijn'. Dat hebben we geweten, want we hebben urenlang over een met steenslag en kiezels bezaaide vlakte gereden die af en toe werd onderbroken door een eenzame berg die als een eiland in het vlakke landschap lag. Onderweg naar onze locatie, genaamd Desert Quiver Camp, passeerden we de Steenbokskeerkring ofwel Tropic of Capricorn, de cirkel rond de aarde die op ongeveer 23,5° zuiderbreedte ligt. 

We hadden hoge verwachtingen van het overnachten in de woestijn en het was ook zeker de moeite waard. Jammer vonden we de faciliteiten er omheen die op de website toch anders leken aangeprezen te worden. Of we hebben nog steeds niet geleerd dat foto's van vakantiehuizen kunnen bedriegen. Na de eerste nacht en het ontbijt bracht onze 4x4 ons naar Sossusvlei, een enorme kleipan die omringt wordt door de hoogste duinen van de Namibwoestijn die allen een glooiende helling aan de ene kant hebben en een steilere aan de andere kant. Sommige duinen zijn meer dan 300 meter hoog, waarmee ze de hoogste ter wereld zijn. Na even crossen door de woestijn (nu weten we een beetje hoe het voelt om met Dakar mee te doen) parkeerden we de auto, stopten Lex in de draagzak en klommen we een hoge duin op. Dit is waar we Namibië onder andere mee associeerden: de betoverende rode zandheuvels die zich uitstrekken in het bijna 50.000 km2 grote Namib Naukluft NP, het op 2 na grootste beschermde natuurgebied van Afrika. Terwijl de jongens naar boven renden en probeerden van de berg te rollen en te glijden, ploeterde ik met 10 kilo extra kind door het mulle zand. En hier gebeurde toch iets raars: want zoals sommigen weten heb ik een verschrikkelijke hekel aan zand aan haar voeten, maar was het beklimmen van de duinen het hoogtepunt van de gehele reis. En hee, je zou geen oermoeder-voeder zijn als je niet even op de (bijna) top van de berg je dochter borstvoeding geeft.

Eenmaal terug in ons verblijf namen we nog even een snelle sprong in het koude zwembad voordat we tegen zonsondergang naar de Sesriem Canyon reden, een natuurlijke kloof die door de Tsauchab-rivier in het gesteente is uitgehouwen en 1 kilometer lang en 30 meter diep is. Op de parkeerplaats liep een aantal bavianen en een plaatselijke gids vertelde ons dat we de auto daarom goed op slot moesten doen. Na terugkomst uit de kloof wisten we waarom: de 'baboons' zaten op een andere auto waar waarschijnlijk eten in lag en de apen probeerden deze op alle brutale manieren open te krijgen. De canyon zelf was overigens prachtig en kiekjeswaardig.

Met het einde van de reis in zicht en nog maar een paar dagen te gaan vertrokken we in de ochtend naar Namtib Desert Lodge in Aus voor 1 overnachting ter overbrugging naar het zuiden. De eigenaar, Thorsten, was van Duitse komaf en woonde al meer dan 40 jaar daar in de middle of nowhere. Zo vastgeroest als dat hij daar woonde, zo vastgeroest was zijn houding. Er was niets te doen op de locatie of in de omgeving, dus was het prima om daar slechts 1 dag te verblijven. Thorsten vertelde wel over een botanische wandelroute van ongeveer een uur, dus ik besloot deze met de jongens te gaan lopen. Natuurlijk had ik niet opgelet waar precies de start van de route lag, dus liepen we de lange oprit af richting de uitgang van de lodge. Dat zal ongeveer slechts een kilometer zijn geweest, maar omdat Boet en Fos iedere seconde stilstonden omdat ze een steentje uit hun schoenen wilden halen hebben we er wel meer dan een uur over gedaan om een beetje over de oprit te slenteren. Na dit tijdverdrijf was het etenstijd en ook hier werd gegeten wat de pot schafte. Samen met andere gasten die allemaal uit Duitsland kwamen zaten we aan tafel, maar gesprekken werden niet echt gevoerd. Tenminste niet met ons, want ik kan maar ein bischen Duits. 

En onze vakantie is niet compleet als we geen schoenen kwijtraken, dus ergens in Aus is een kind erg blij met slippers maat 32.

Onze hoop was gevestigd op Luderitz, de laatste plaats in Namibië waar we de volgende dag heen reden en 3 nachten zouden blijven. Echter, toen we na een reis van ongeveer 3 uur het stadje binnenreden kwamen we al snel tot de ontdekking dat dit niets voor ons was. Wat vroeger een welvarende stad scheen te zijn, was nu een beetje een doodse, vreemde plek. Wel bijzonder om er geweest te zijn, maar niet meer dan dat. We checkten in bij het Luderitz Nest Hotel aan de kust en kregen 2 kamers naast elkaar toegewezen. Na de lunch in het hotel besloten we met de auto op ontdekkingstocht te gaan in het stadje om te zien wat we deze dagen konden gaan doen. In het meegenomen reisboek waarin Luderitz uitgebreid werd beschreven, stond ook Agate Beach genoemd, een strandje dat populair schijnt te zijn bij de lokale bevolking. Waarschijnlijk is dat in de zomer, want nu was er niets te doen. Bram wilde nog even een keer heel stoer zijn 4x4 uitproberen (ik denk dat hij indruk wilde maken op mij), dus reed hij het strand op met het gevolg dat we bijna vast kwamen te zitten in het losse zand. Dat was het enige spannende aan de ontdekkingstocht in de oude vissersplaats, waardoor we het besluit namen na 1 nacht al te vertrekken in plaats van er nog 2 te blijven. Ook met het oog op eventueel feestende kinderen die zich behoorlijk zouden gaan vervelen daar. Na het uitchecken de volgende ochtend wilde ik nog wel graag even een bezoek brengen aan Kolmanskop, 9 kilometer ten zuidwesten van Luderitz.
Ooit was het spookstadje het centrum van een bloeiende diamantindustrie, maar werd in 1956 door alle inwoners verlaten waarna de natuur er bezit van nam en het zand in de gebouwen ophoopte. Sommige huizen zijn gerestaureerd, maar onder andere het intacte ziekenhuis was bijzonder om te zien. Het huidige centrum van de diamantwinning is Oranjemund, vlakbij de grens met Zuid-Afrika. De ongeveer 100 kilometer lange kuststrook ten noorden van Oranjemund was lange tijd het rijkste diamantveld ter wereld, maar raakt langzaam uitgeput. De hele regio tussen Luderitz en Oranjemund is het Sperrgebiet: streng verboden voor toeristen vanwege de Diamant Area; de exclusieve mijnrechten voor het gebied zijn vergeven aan een gezamenlijke onderneming van de Namibische overheid en multinational De Beers.  

De laatste geboekte nacht was bij Kwelanga in Vioolsdrif, de buuraccommodatie van Dirk, Steph en Jaydan waar we op de heenreis 3 weken geleden verbleven. Maar eerst moesten we de grens nog over. Met zijn allen uit de auto, hoop papierwerk invullen, even lachen naar de chagrijnige douanemedewerker uit Namibië, met zijn allen in de auto, twee meter rijden, met zijn allen uit de auto, even lachen naar de iets vrolijkere douanemedewerker uit Zuid-Afrika, met zijn allen in de auto en op naar Kwelanga. Tenminst, dat dachten we. Want bij de tweede 'met zijn allen uit de auto' werden de paspoorten meteen terug geschoven met het begeleidende woord "loadshedding".
Serieus?
Welkom terug in Zuid-Afrika, het land van het plat leggen van de elektriciteit voor een bepaalde tijd in een bepaald gebied. Dat hadden we nou niet echt gemist in Namibië. Maar goed, 'met zijn allen uit de auto' werd dus 'met zijn allen een half uur wachten'. Toen de loadshedding voorbij was en we weer op weg waren was het al vrij laat. We aten pizza en overnachtten in een simpele familiekamer.

Omdat we het verblijf bij Dirk, Steph en Jaydan in de eerste week erg positief hadden ervaren, wilden we graag bij hen gaan ontbijten. Dat was gelukkig geen probleem, dus konden we nog uitgebreid met hen kletsen over onze reis en de jongens met Jaydan spelen. We namen afscheid en stapten in de auto op weg naar ons huis in Houtbay. We hadden afgesproken dat een eventuele extra overnachting ergens afhankelijk zou zijn van hoe de autorit zou verlopen en hoe het weer zou zijn. Het eerste punt was prima en het tweede minder prima. Dat werd dus doorrijden, een stop om te eten en weer verder rijden. Uiteindelijk reden we rond 20 uur met 3 slapende kinderen Kaapstad binnen en dat voelde toch meteen weer als thuis. Een fijn gevoel dat nog meer bevestigd werd zodra we de auto op de oprit van ons huis parkeerden.

Ondanks het iets teleurstellende einde van de reis kunnen we zeggen dat we 3 mooie weken hebben beleefd met een hoop herinneringen, ervaringen, uitdagingen en foto's. En stenen.  

Lees meer »

Namibië, deel 2

De eerste week Namibië was een feit. Nadat we het wildlife in de Kalahari hadden ontdekt, wilden we eigenlijk in eerste instantie nog 2 nachten verblijven in Windhoek, de hoofdstad van het harmonieuze Afrikaanse land. Omdat we van meerdere mensen vernamen dat er niets te doen of te zien was en we deze dagen toch nog niets geboekt hadden, besloten we na een telefoontje met Otjibamba Lodge, de volgende accommodatie, door te rijden richting die locatie. We mochten eerder komen, dus kregen we hierdoor ruimte om verder na te denken over de invulling van de overgebleven twee dagen. De lodge, gelegen bij het plaatsje Otjiwarongo, was een prima tussenstop en vrij simpel. We hadden wederom 2 kamers naast elkaar: een heren- en een damesroom. Super romantisch hoor, deze reis. Gelukkig hierdoor geen last van gesnurk.
Maar goed, leuk bij Otjibamba Lodge was de drinkplaats bij het zwembad, waar onder andere struisvogels rondliepen. Ook kwam iedere dag een oude giraf genaamd Opa, het vakantielievelingsdier (is dat een woord?) van Fos, naar het centraal gelegen punt om te eten en te drinken. Otjiwarongo, het veeteeltstadje in het noordwesten van Namibië, heeft ongeveer 28.000 inwoners en fungeert vooral als tussenstop naar de oostelijke kant van Etosha NP. 

Een aantal kilometers van onze lodge ligt het Cheeta Conservation Fund (CCF), een grootschalig fonds dat zich in meerdere landen in Afrika inzet voor het redden van de cheeta en zijn ecosysteem middels een holistische natuurbeschermingsstrategie. 
Bij het research- en bezoekerscentrum is een aantal cheeta's die (nog) niet uitgezet kan worden in het wild om verschillende redenen en met een jeep mochten we vijf van deze roofdieren van iets dichterbij gaan bekijken. "They remain predators and there is one that we should keep an eye on with a baby", aldus de ranger van het park met een nonchalante toon. Eh, oké. Kan Lex ook in de kofferbak van de jeep?

Na de 2 nachten in Otjiwarongo konden we ook eerder verblijven bij de volgende accommodatie: Callie's Game Lodge in Tsumeb, de belangrijkste toegangspoort tot het noorden van Namibië. Logisch ook dat dat kon, want we bleken de enige gasten te zijn. Ergens ook wel handig, aangezien onze kinders er een nieuwe sport van hadden gemaakt om zo hard mogelijk rond te rennen en te schreeuwen in een restaurant. De receptioniste was een dikkere vrouwelijke Afrikaanse versie van de hotelreceptionist uit Home Alone. 

Omdat we graag groot wild wensten te zien besloten we een dagtrip naar het oosten van Etosha Nationaal Park, 'de parel in de kroon van de Namibische wildparken', te maken. Na een bijna 2 uur durende autorit kwamen we aan bij de poort van Namutoni met een flink gevulde koelbox op de achterbank. Deze hadden we vooraf aan onze vakantie gekocht omdat we wisten dat er soms lange reisafstanden zouden zijn, waarin we geen supermarkt, farm stall of überhaupt iets bewoonbaars tegen zouden komen. Dan is het toch wel handig om een beetje proviand bij ons te hebben, zeker met drie kids die altijd willen eten. Waar zitten die kids dan verstopt met zo'n koelkast ook nog achterin, kun je je afvragen. Onze Toyota Fortuner heeft twee achterbanken, waardoor Lex en Fos met de koelbox achter ons zitten (en met een hoop andere spullen, maar dat terzijde) en Boet een eigen plekje heeft op de achterste bank naast de ingeklapte kinderwagen (en tussen een hoop andere spullen, maar dat terzijde).

Ongeveer in het midden van Etosha NP strekt zich een enorme zoutvlakte uit. Deze 'Etosha Pan' is van oost naar west circa 130 km, van noord naar zuid op het breedste deel 68 km en beslaat in totaal een oppervlakte van 5000 km2. De vlakte is de eindbestemming van het afwateringsgebied van Zuid-Angola en kan in de regentijd deels onder water lopen. In Etosha komen 340 vogel- en 114 zoogdiersoorten voor en omdat het terrein zo droog is, is het niet geschikt voor krokodillen en nijlpaarden.
Vlakbij de poort waar we het park binnen reden spotten we het eerste dier: een olifant. Een olifant! EEN OLIFANT!
Daarna volgde weer een aantal antilopen, gnoes en zebra's en ondanks dat deze dieren toch interessant blijven, werden onze reacties toch minder enthousiast na de 37e springbok of de 24e oryx (Boet hield trouwens een echte dierentelling bij).
Omdat we natuurlijk niet uit de auto konden stappen in verband met de roofdieren die er ook rondlopen, besloten we bij een waterhole, een drinkplaats voor de dieren, in de auto te lunchen. Best een uitdaging: notenpasta op een boterham smeren met een zakmes of op schoot yoghurt met noten in de meegenomen glazen scheppen. Zeker in combinatie met dus de kinderen die altijd willen eten en 'geduld' niet in hun woordenboek hebben staan. En ohja.. waarvan er ook nog eentje moest plassen. Maar hee, creativiteit was ons niet meer nieuw en dus werd de piemel in een lege petfles gehangen. 

In de middag was het tijd voor Lex haar schoonheidsslaapje en bleef zij samen met Bram in onze familyroom (hallo gesnurk!), terwijl Manon met de jongens de private reserve van Callie's Game Lodge ging ontdekken per jeep en met een gids. De l
ocatie biedt een grote diversiteit aan onder andere impala's, gemsbokken en zebra's, maar afgezien van een aantal kudu's en een waterbok zagen we weinig andere dieren. 

Voor de volgende dag hadden we inmiddels een andere accommodatie gevonden op 1 uur rijden van Callie's Game Lodge en gelegen aan de rand van Etosha NP. Mokuti, een naam die natuurlijk voor de jongens geweldig was om net even iets anders uit te spreken, was na een complete verbouwing nog maar een paar maanden geopend. En dat hebben we gezien, want wat is het een prachtig verblijf met veel faciliteiten en mooi interieur. En niet te vergeten het beste ontbijtbuffet van de hele vakantie. Omdat we even wat rust wilden na het vele autorijden en de safari's, zeker voor het grut, kozen we ervoor om twee dagen bij Mokuti te relaxen en weinig te doen. Dat relaxen hebben we erg letterlijk genomen, want na het zien van een foto van de jongens van 'Smniek' op een massagetafel (die op dat moment met het gezin in Thailand was) werd dat ook de middagontspanning van Manon, Boet en Fos. Nooit eerder hadden de jongens een massage gehad (nou ja, ik heb wel eens een poging gedaan een beetje over hun rug te aaien) en ze waren benieuwd wat ze ervan zouden vinden. Het was in ieder geval rustgevend, want ze vielen beiden in slaap en we kregen ze met geen mogelijkheid wakker.

Fris en fruitig op naar de volgende locatie: een accommodatie aan de oostkant van de Etosha Pan. Door hier te komen besloten we weer met een gevulde koelbox helemaal door Etosha te rijden. In totaal 130 km en met alle tussenstops en zijwegen naar drinkplaatsen zouden we er de hele dag over doen om bij Onduri Lodge Farm, gelegen tussen Okaukeujo en Outjo, te komen.
Daarover meer in Namibië, deel 3.

Lees meer »

Namibië, deel 1

Al meer dan drie jaar hebben we in onze koelkast in Hilvarenbeek een bakje afgekolfde moedermelk staan. Ik zie iedereen die dit leest al met een gefronst gezicht denken: waarom zou je dat zo lang bewaren? Nou, omdat ik, als overdreven gezondheidsfreak en oermoeder-voeder ooit op het idee ben gekomen dat als de kids waterpokken zouden krijgen het gouden goedje in een bad gegoten zou worden, zodat het herstel van de huid beter zou verlopen tijdens een uitbraak van deze kinderziekte. Maar na al die jaren is er nog nooit een pokje gezien bij de jongens.

Het bakje staat dus nog in diezelfde koelkast en je raadt het al: we waren amper de grens bij Namibië over en Boet kreeg waterpokken. Twee weken later was Fos aan de beurt en bij terugkomst afgelopen week in ons huis in Zuid-Afrika ontdekten we de eerste blaasjes bij Lex. Iemand suggesties wat we met 3 jaar oude gekoelde moedermelk kunnen doen? Niemand? 

Op 31 juli vertrokken we met onze eigen Toyota Cruiser, die we ongezien en met vertrouwen via Facebook hadden gekocht, vanuit Houtbay richting Namibië. De jongens hadden ieder hun eigen organizer met onder andere speelgoed en boeken aan de autostoel hangen, maar uiteindelijk werd tijdens iedere rit de tijd grotendeels gevuld met filmpjes van tractors of Dutchtuber (bedankt Hugo ;)) en liedjes van Gullie. Eigenlijk zou laatstgenoemde wel even een meet & greet kunnen doen met zijn grote fan Boet, aangezien we zijn nummers volop hebben gepromoot in Namibië. Ik kan ze allemaal meezingen en dat zegt wel iets.

Onze eerste stop was in Cederberg, waar we 2 nachten in een safaritent verbleven bij Africamps. De jongens vermaakten zich in de hottub met een prachtig uitzicht, er werd zelf geblende rooibosthee gedronken en de braai werd aangestoken voor het vlees en de groenten die we mee hadden genomen vanuit huis. 

De volgende autorit leidde ons naar de grens met Namibië. Toen we bijna bij de nieuwe locatie waren, stuitten we op bijzondere wegwerkzaamheden. Omdat er in juni een deel van de weg kapot was gegaan door hevige regenval was een rijbaan honderden meters afgesloten en moesten we tien minuten wachten totdat we verder mochten rijden op de andere rijbaan. Om ervoor te zorgen dat er geen tegenliggers kwamen, stonden er geen stoplichten en dergelijke, maar een hek dat werd weggeschoven wanneer we mochten gaan rijden. Aan de laatste auto in de wachtrij werd een lege colafles meegegeven zodat de wegwerkers zeker wisten dat de laatste tegenligger gepasseerd was als de fles werd ingeleverd bij de wegwerkers aan de andere kant. De laatste auto in onze wachtrij stond achter ons en dus kregen ook zij de colafles mee.

In Viooldrif, nog net in Zuid-Afrika, overnachtten we 2 nachten in een glamping familietent bij Dirk en Steph en hun 3-jarige zoon Jaydan. Met enorme enthousiasme runnen zij sinds kort het Frontier River Resort, dat uitkijkt over de Orange River en 6 tenten ter beschikking heeft. Mede door de kennis van Dirk, de kookkunsten van Steph en de gezellige verhalen van Jaydan in het Afrikaans voelden we ons echte gasten en besloten we ze aan het einde van onze vakantie nogmaals te bezoeken.

De grensovergang stelde niet veel voor: een hoop papierwerk en een keer of 3 met zijn allen uit de auto om je gezicht te laten zien aan chagrijnig douanepersoneel. Op onze weg naar Canyon Roadhouse, de volgende overnachtingplaats en de meest favoriete accommodatie van Bram, doorkruisten we de Fish River Canyon: de op een na langste kloof ter wereld en een van de grootste natuurwonderen van Afrika die 160 km lang, maximaal 550 meter diep en tot 26 km breed is. Omdat twee rebelse broers regelmatig hun energie kwijt moeten, besloten we te stoppen bij de door rotsblokken omgeven Ai-Ais Hot Springs en de kids af te laten koelen in het bijbehorende zwembad. 

De dag na aankomst bij de Roadhouse, waar we 2 kamers naast elkaar hadden (een "boys' room" en een "girls' room"), besloten we een self-drive te doen door Garas, het Gondwana Canyon Park naast de accommodatie, met een tussenstop voor een lunch bij een dependance van Canyon Roadhouse. In de paar dagen dat we in Namibië waren hadden we al geleerd dat het bestellen van eten  langer duurt dan het opeten ervan, dus het woord 'creatief' is ons inmiddels op het lijf geschreven. Tijdens het wachten op de lunch (Oh, wat mis ik dan als voedingscoach Zuid-Afrika!) maakten de jongens 'dassievoer'; met een minigolfstick werden langwerpige vruchten die van een Kameeldoornboom waren gevallen open geslagen om de pitten die erin zitten aan de klipdassen in de omgeving te voeren. 

Tijdens de selfdrive spotten we de eerste impala's, springbokken, gnoes en zebra's. Hier kwamen we onder andere voor naar Namibië: wilde dieren zien! De eerste beelden van de prachtige herbivoren in de rotsachtige omgeving van de Fish River Canyon smaakten naar meer, dus de volgende dag stapten we vroeg uit bed voor een 5 uur durende autorit naar de Kalahari Red Dunes, een fantastisch mooie en vernieuwde lodge in de duinen van de Kalahari-woestijn bij het plaatsje Mariental. Een houten vlonderpad leidde ons naar de 2 geboekte suites met uitzicht over de drinkplaatsen van onder andere kudu's en giraffen en naar het zwembad. "About ten, eleven degrees", vertelde de receptionist ons en dus een perfect alternatief voor mijn dagelijkse koude douche. 

De Kalahari is een gebied van ongeveer 900.000km2 en is zeer gevarieerd: naast zandwoestijn (vooral in Namibië) omvat deze ook grote stukken grassige steppe en savanne, wat het aantrekkelijk maakt voor dieren zoals bavianen en stokstaartjes. Om te proberen hiervan een glimp op te vangen en omdat de omgeving verkennen met een open jeep gewoon gaaf is, besloten we een game drive met een gids te doen. In de vroege ochtend, warm aangekleed, Lex in de maxicosi en gaan! Onze ranger, Etosha ("Het park is naar mij vernoemd"), vertelde over de flora en fauna in de omgeving en we maakten foto's van de verschillende soorten antilopen en giraffen die vanuit de jeep goed te zien waren. 

Lex vond de gamedrive toch minder interessant dan dat wij dat vonden, dus in de middag besloot Bram met haar bij de lodge te blijven en ik met de jongens nogmaals op safari te gaan. Samen met een Frans stel en een ander Nederlands gezin klommen we weer in de jeep en na een tijd te hebben gezocht naar dieren parkeerde de ranger zijn terreinwagen op een hoge duin voor een prachtige zonsondergang. Met op de achtergrond een tafel met hapjes en drankjes vermaakten de jongens zich in de enorme zandbak door van de heuvels af te rollen en te springen. Hashtag genieten. Hashtag deel 2 van de vakantie volgt.

Lees meer »

Over emoties, een creatieve vlucht en een verloren trolley

Vijf grote koffers, vijf trolleys, vijf stuks handbagage, een maxicosi en een kinderwagen. En wij. Het paste allemaal in de auto naar het vliegveld en zelfs 'Ome Sander' kon er nog bij om ons weg te brengen (waarvoor nogmaals dank!).

Na de standaard discussie over hoe laat we richting Schiphol gaan (racen om het vliegtuig te halen versus te lang kinderen moeten entertainen bij de gate) besloten we voor de gulden middenweg te kiezen. Gelukkig verliep alles soepel en konden we ons op tijd installeren na de meeste bagage gedropt te hebben bij de balie. 

De ongeveer twaalf uur durende vlucht was met enige turbulentie, maar dat kwam niet door het vliegtuig. Om tijdens een dagvlucht naar Kaapstad drie kinderen tevreden te houden is best wat creativiteit nodig. En laten we dat nou net niet hebben. Uiteindelijk resulteerde dat in totaal in een uur kaarten, een half uur kwartetten, een half uur kleuren en acht uur filmpjes kijken. De resterende tijd werd besteed aan slapen, eten of zeuren om eten.

En toen waren we er! Cape Town, ons tweede thuis! Nou ja, bijna thuis. Want er miste een trolley, dus dat moest eerst geregeld worden. Gelukkig bleek de bagage een dag later te komen, dus konden we met een gerust hart naar Terry, onze taxichauffeur die ons al met een Bram-bordje stond op te wachten.

Het huis voelde nog net zoals een half jaar geleden, als een thuis. Ondanks dat het tussentijds verhuurd is geweest via onder andere Airbnb wisten de jongens nog snel het speelgoed te vinden en zich meteen een slaapkamer toe te eigenen. 

En toen begon het wennen. Het enthousiasme van de jongens bij aankomst maakte in de eerste dagen plaats voor boosheid en verveling. Tegenstrijdige gevoelens: zin hebben in het avontuur en tegelijk enorme spanning voor wat er gaat komen. Begrijpelijk natuurlijk. Maar die uitingen van boosheid in de vorm van over grenzen heen gaan was voor ons in deze nieuwe setting ook wennen. Ook het slechte weer werkte hierin niet mee, het is hier een van de koudste en natste winters en daar zijn de huizen niet echt op berekend.

Gelukkig zijn we hier ook om de verbinding met elkaar te houden en zijn we ervan overtuigd dat alle emoties erbij horen en we dit gaan rocken met de kids.

We zijn nu een week in Zuid-Afrika en op het moment van schrijven van dit blog rijden we richting Namibië voor onze vakantie. Zwemmen, olifanten spotten en in de woestijn slapen. That's life.

Lees meer »

"And so the adventure begins..."

Dit plaatje, een herinnering voor het leven. 

Een prachtig uitzicht, een lekker wijntje en een fijne picknick met de allerliefsten.
Wat voelen wij ons enorme bofkontjes dat wij het geweldig mooie Zuid-Afrika 4 maanden lang mogen gaan herbeleven, ervaren en ontdekken. Het zal niet alleen een fysieke reis gaan worden, maar ook op persoonlijk gebied zal ieder van ons een eigen trip gaan maken.

Ik hoor je denken: huh? Maar waar gaan jullie wonen dan? Boet is met zijn 6 jaar toch leerplichtig? Is het vooral vakantie? Hoe zit het dan qua werken? En niet geheel onbelangrijk, de Albert Heijn komt toch geen boodschappen in Zuid-Afrika bezorgen?

Terug naar het begin. 
In oktober 2019 zijn we tijdens een 3 weekse rondreis met Boet (toen bijna 3 jaar) en Fos (toen 10 maanden) tot over onze oren verliefd geworden op het land. "Hier gaan we zeker terugkomen" was meteen onze gedachte, terwijl we altijd hebben gezegd dat er meer te ontdekken is in de wereld. Tijdens de Covid-periode in 2021 hebben we het besluit genomen nogmaals een aantal weken naar (de omgeving van) Kaapstad te reizen. Weg van alle negativiteit en de heftige lockdown. En opnieuw werden we verliefd. Op het land, op elkaar en op de kids. Met het idee om gewoon eens te kijken hoe de huizenmarkt in een veilige en rustige buurt van Kaapstad was, zonder het plan om überhaupt iets te kopen, zijn we met de lokale makelaar in een huis in Houtbay terechtgekomen. En alsof het zo moest zijn bleek het huis een nog fijnere vibe te hebben dan dat het leek op de foto's. We besloten ervoor te gaan en binnen een week na terugkomst in Nederland werd de champagnefles ontkurkt: de koop van een prachtig huis in Houtbay was een feit. Voor mij was het trouwens alcoholvrije champagne, aangezien ik destijds ongeveer 20 weken zwanger was van Lex.

Interieurheld Marieke kon vanuit Nederland samen met ons een complete zeecontainer met spullen vullen en verschepen. Van kasten tot aanmaakblokjes voor de barbecue en van bedden tot lepeltjes voor op de suikerpot. Aan alles werd gedacht. Met geweldige hulp van Sander (de broer van Bram), goede vriend Rob en Marieke werd het huis in december 2022 volledig naar onze smaak ingericht. De kerst werd doorgebracht in ons eigen huis. In Houtbay. Bij Kaapstad. In ZUID-AFRIKA!

En hoe gaaf is het dan om wat langer in Zuid-Afrika te mogen vertoeven? Precies, heel gaaf. En dat is nou net wat we gaan doen.

Afgelopen week hebben we de bevestiging gekregen dat onze jongens mogen starten in september op The Bay Academy, een lokale Engelstalige school bij ons in de buurt. Wij gaan op die schoolmomenten onze laptops openklappen om te gaan werken; we hebben beiden het geluk dat we dat vanuit huis (of onze favoriete tentjes Bootlegger en Salt) kunnen doen.

Eind juli gaat onze droom van start. En dan staat ons eerst nog een mooie route door Namibië te wachten, die onze reisfanaat Floor met enorm veel enthousiasme en ervaring heeft uitgestippeld voor ons. 

En ohja, om de hoek is een supermarkt. Dus geen zorgen over de bezorging van de boodschappen.

Nieuwsgierig naar ons leven de komende tijd? 
Laat een reactie achter en we sturen je een berichtje als er nieuws is! 

Lees meer »